De Pad

ImageEen paddenvrouw met wel zes bloedgeile mannetjes op haar rug. Dat kan voorkomen als Bufo bufo op vrijerspad gaat. Zij moet dit niet zelden met de dood bekopen. Ieder voorjaar is het weer prijs. Padden lusten er wel pap van. Op de eerste de beste warmere avond na de winter krijgen de ze het in hun bol. De paddenmannen hebben maar een doel: ze moeten zo snel mogelijk aan de vrouw zien te komen want er is nu eenmaal een mannenoverschot onder de padden. Zodra hij zijn geliefde heeft gevonden springt hij er bovenop en grijpt haar bij haar oksels. Hij blijft muurvast aan haar vastgeklemd tot de paring heeft plaatsgevonden in de poel waar ze zelf het levenslicht zagen. Hiervoor moeten ze vaak nog kilometers lopen.

Mannetjes zijn niet kieskeurig als ze op zoek zijn naar een paddendame. Ze zijn bereid om met alles genoegen te nemen: Een stuk hout, een paddenman, een mensenvuist, en ik zie jaarlijks wellustige padden geklemd op een klein plastic speelgoedeendje in de vijver. Maar als hij eenmaal een vrouw gevonden heeft laat hij ook niet meer los. Aan hun voorpoten zitten uitstulpingen die extra houvast geven. Zo waggelen ze naar hun geboortegrond, want ze nemen geen genoegen met zomaar een waterplas. Onderweg laten ze poelen links liggen zonder aan voortplanten te denken. Hoe de padden hun geboortepoel kunnen vinden is nog een raadsel. Ze kunnen hun bestemming niet zien want daarvoor is hij meestal te ver weg. Mogelijk oriënteren ze zich op de omgeving of zelfs op maan en sterren.

De massale voorjaarstrek heeft niet alleen met de voortplanting te maken want ook jonge dieren die hier nog niet aan toe zijn trekken mee. Padden die onderweg geen vrouw hebben bemachtigd hebben zich in de poel tussen het riet verschanst en wachten hun kans af. Als de dubbeldekkers hun voortplantingsplek bereikt hebben kan er nog niet gepaard worden, want eerst moeten ze op temperatuur komen. Het water dringt via de huid naar binnen en zorgt voor het benodigde vocht. Padden drinken immers niet via hun bek. Je ziet ze overdag vaak op de bodem van de vijver liggen. ’s Avonds en ’s nachts drijven ze aan de oppervlakte. Daar vindt uiteindelijk ook de paring plaats.