| Suriname |
|
Pagina 1 van 4 Suriname, een vergeten paradijs
De oranje rotshaan is bijna een ‘Disney-vogel’. Een vogel met zo’n kleur, die kán niet echt bestaan. Hij is knaloranje met een blauwe streep over zijn kam. Zijn baltskunsten zijn spectaculair. Het vrouwtje moet het doen met een veel bescheidener bruin verenkleed. Knaloranje is immers geen goede camouflagekleur als je eieren moet uitbroeden en jongen moet grootbrengen! De enige plek waar de vogel nog voorkomt in Suriname zijn de Raleighvallen, onderdeel van het Centraal Suriname Reservaat. De watervallen bestaan uit een heleboel woeste stroomversnellingen die samenklonteren tot een brede waterval. Grote vluchten papegaaien vliegen luid krijsend over ons heen. In nederzettingen langs de rivier zien we gekortwiekte exemplaren, vastgeklonken aan hutten, wachten op transport naar de hoofdstad. Sinds 1954 is er een wet die de jacht op de rotshaan verbiedt. Maar die geldt alleen in noorden en noordwesten van Suriname, in het zuiden gelden andere regels. Hier mag nog geschoten worden voor eigen gebruik. Controle ontbreekt en veel illegaal geschoten en gevangen dieren verdwijnen over de grensrivieren naar de beide Guyana’s, waar ze verhandeld worden. Links en rechts van de brede Coppenamerivier rijzen 40 meter hoge woudreuzen op uit het water. Verhoudingen vallen weg: alle bomen zijn hoog, alle rivieren zijn breed. |
Het lijkt alsof er een storm opsteekt: ik word wakker van het aanzwellende geluid van de brul-apen. Het is een grote groep op Fungu-eiland. We gaan vandaag op zoek naar de Cock-of-the-Rock: Rupicola rupicola, de zeldzame oranje rotshaan. De tocht neemt een volle dag in beslag. De korjaal heeft grote moeite met de stroming van de Coppenamerivier. Enorme afgeronde basaltblokken liggen her en der in de rivier verspreid. Door de lage waterstand zijn de obstakels onder water het gevaarlijkst. Geen kaaimannen hier, maar wel een enkele sidderaal die zich in de luwte van de rivier ophoudt.